Stucwerk

Stucwerk of renovlies: wat kiest u voor uw wanden?

Stucwerk of renovlies? Wat elke afwerking wel en niet kan, welke ondergrond om welke keuze vraagt en waar het in de uitvoering misgaat.

5 minuten lezen 2 oktober 2026 Van der Lugt, De Meern

5,015 Google-reviews
5,015 reviews op GoogleBekijk op Google
“Ons hele huis laten stucen en daarna laten spuiten door onderhoudsbedrijf van der Lugt. Dacht goed mee met ons en kwam altijd netjes zijn afspraken na. De volgende klus…”
NNicky KroonGoogle-review
“Ik ben ontzettend tevreden over het werk. het contact verliep professioneel en duidelijk. Ze kwamen hun afspraken netjes na en dachten goed mee over kleurkeuze en…”
AArjanGoogle-review
“Serieuze vaklui levert kwaliteit werk. Zeer serieus naar de klant en vriendelijk. Schilderwerk binnen en buiten laten doen ziet er naar 3 jaar nog steeds uit als nieuw.”
HHennie SemlerGoogle-review

Het korte antwoord

Is een wand scheef, beschadigd of ruw, dan begint het bij stucwerk: alleen een pleisterlaag maakt een wand echt vlak. Is de wand al redelijk vlak, zoals bij veel nieuwbouw, dan is renovlies met twee lagen latex vaak de rustigste en sterkste keuze. In oudere woningen gaan ze vaak samen: eerst stucen waar het nodig is, daarna renovlies op de wanden die gevoelig zijn voor haarscheurtjes.

Wat stucwerk doet, en waar het ophoudt

Stucwerk is een minerale laag, in woningen meestal gipspleister. Bij een ruwe of scheve muur zet de stukadoor eerst een raaplaag van grofweg een centimeter dik, die hij met een lange rij recht trekt. Daarna volgt een dunne afwerklaag die glad wordt gezet. Bij een wand die al vlak is, zoals gipsplaat of glad beton, is alleen die dunne laag nodig. Het resultaat is een vlakke, strakke wand die u kunt sauzen, spuiten of behangen.

Wat stucwerk niet kan, is beweging opvangen. Werkt de ondergrond, dan scheurt het stucwerk mee. Dat ziet u vooral op de overgang tussen twee materialen, zoals een gemetselde muur naast een gipsplaat, boven deurkozijnen en langs het plafond. In nieuwbouw zet het huis de eerste jaren nog wat, en in een jaren-30 woning werken de houten balklagen bij elke seizoenswissel. Een haarscheurtje in stucwerk is daarom niet automatisch een fout van de stukadoor, maar wel iets om mee te wegen bij de keuze.

Let ook op het verschil met spackspuitwerk. Veel nieuwbouwwoningen worden opgeleverd met een gespoten laag van een paar millimeter op beton of kalkzandsteen. Dat is geen glad stucwerk: het volgt de ondergrond en laat naden, kleine putjes en een lichte korrel zien.

5,0 op Google
“Zeer goed en professioneel stuc en schilderwerk afgeleverd bij ons thuis. Zeer tevreden 👌🏻”
WWesley Rijken van Olstklant van Van der Lugt

Wat renovlies doet

Renovlies is een vlies van glasvezel dat op de wand wordt gelijmd en daarna geschilderd. De lijm gaat op de muur, niet op de baan. De banen komen strak naad op naad, zonder overlap, en krijgen na het drogen twee lagen latex. Zo ontstaat een wand die eruitziet als een gladde geschilderde muur, met een heel fijne textuur van het vlies.

De kracht zit in de wapening. Het vlies houdt fijne haarscheurtjes in de ondergrond uit het zicht en maakt de wand stootvaster dan kaal gesausd stucwerk. In een gang, trapgat of kinderkamer merkt u dat. Bij een volgende kleurwissel schildert u gewoon over het vlies heen.

Renovlies is alleen geen egaliseermiddel. Het volgt de wand precies. Een bult, een put of een slecht weggewerkte naad blijft zichtbaar, zeker bij licht dat schuin over de wand valt. De ondergrond moet dus eerst vlak zijn. Reken renovlies bovendien als een blijvende afwerking: glasvezel krijgt u er later niet af zonder de laag eronder te beschadigen.

Welke keuze past bij welke wand

In de praktijk kiest de wand meer dan de bewoner. Dit zijn de situaties die we het vaakst tegenkomen:

  • Nieuwbouw met spackspuitwerk of behangklaar opgeleverde wanden: renovlies met twee lagen latex. Snel, strak en sterk, en de eerste zettingsscheurtjes blijven uit beeld.
  • Nieuwbouw waar u een echt gladde, minerale wand wilt: een dunne laag glad stucwerk over het spackspuitwerk, daarna sauzen of spuiten.
  • Jaren-30 woning met oud pleisterwerk: kloppen op holle plekken, losse delen eruit, gaten vullen en opnieuw stucen. Renovlies alleen op wanden die blijven scheuren.
  • Voorzetwanden en zolders van gipsplaat: naden wapenen en vullen, daarna glad afwerken of renovlies.
  • Plafonds: meestal stucen en daarna spuiten. Renovlies op een plafond kan, maar vraagt veel vakmanschap boven het hoofd.
  • Drukke plekken zoals een trapgat, gang of kinderkamer: renovlies of glasvezelbehang vanwege de stootvastheid.

Waar het misgaat, en hoe u dat voorkomt

Bij renovlies gaat het meestal mis in de voorbereiding. Een zuigende ondergrond zoals nieuw stucwerk of spackspuitwerk moet eerst worden voorgestreken, anders trekt de muur het water uit de lijm en laat het vlies plaatselijk los. Nieuw stucwerk moet bovendien helemaal droog zijn. Plakt u op een vochtige wand, dan moet het vocht door de lijm en de verf heen weg, met blazen en vlekken als gevolg.

Bij stucwerk zit het risico in het drogen en in de overgangen. Een kamer met nieuw stucwerk die koud en dicht blijft, droogt te langzaam; een bouwkachel pal voor de wand laat de laag te snel uitdrogen. Overgangen tussen materialen wapent een goede stukadoor met gaas. Langs kozijnen trekt hij een strakke, afgesneden naad, zodat een eventueel scheurtje op een logische plek komt in plaats van midden in de wand.

Lees ook hoe lang stucwerk moet drogen voordat u kunt schilderen, want daar loopt de planning vaak vast.

Wat de prijs bepaalt

Bij beide afwerkingen rekent u in vierkante meters, maar de meters zeggen niet alles. De staat van de ondergrond weegt het zwaarst: een vlakke nieuwbouwwand is iets anders dan oud pleisterwerk met holle plekken en scheuren. Verder tellen de hoogte van de ruimte, het aantal hoeken, kozijnen en sparingen, of het om wanden of plafonds gaat en of de woning leeg of bewoond is.

Bij renovlies hoort de latex erbij. Of die gerold of gespoten wordt, maakt verschil in afplakwerk en tijd. Daarover leest u meer in latex spuiten of rollen.

Stucwerk en renovlies door Van der Lugt

Van der Lugt doet beide vakken zelf en plant ze achter elkaar: eerst het stucwerk, daarna het vlies en de latex. Nick heeft in nieuwbouwwoningen complete woningen van renovlies voorzien en daarna gesausd. Bij de gratis opname kijken we samen naar uw wanden en zeggen we eerlijk welke afwerking past. U krijgt een vaste prijs op papier, geen richtprijs. Meer over de mogelijkheden leest u op de pagina over renovlies en behang.

Veelgestelde vragen

Vragen over dit onderwerp

Staat uw vraag er niet bij? Bel gewoon, dan hoort u het meteen.

Kun je renovlies over oud behang plakken?
Nee. Oud behang laat onder het vocht van de lijm en het gewicht van de latex los, en dan komt de hele laag mee. Het oude behang gaat eraf, lijmresten worden weggewassen en de wand wordt hersteld en voorgestreken voordat het renovlies erop gaat.
Hoeveel lagen latex komen er op renovlies?
Twee. De eerste laag trekt deels in het vlies, de tweede geeft een egale kleur en dekking. Kies een matte latex: hoe meer glans, hoe beter u de naden en de ondergrond ziet.
Is renovlies geschikt voor een badkamer?
Op plekken zonder direct spatwater kan het, als de ruimte goed geventileerd wordt en u een vochtbestendige latex gebruikt. In de douchehoek hoort tegelwerk of een andere waterdichte afwerking.
Zie je de naden van renovlies?
Bij goed werk niet bij normaal licht. Het vlies wordt naad op naad geplakt en de latex trekt het geheel dicht. Bij strijklicht van een raam of een lamp vlak langs de wand ziet u een naad soms wel, vooral als de ondergrond niet vlak was.
Vrijblijvend

Even langskomen kost u niets

Binnen vijf werkdagen bij u in Utrecht voor een opname. U krijgt een vaste prijs op papier, geen richtprijs.

Contact

Bel, app of laat uw nummer achter

Op werkdagen nemen we binnen een dag contact op. Staat u met een spoedklus, bel dan.

WerkplaatsRenesselaan 29, 3454 XW De Meern

Laat uw nummer achter

Naam en telefoon zijn genoeg. De rest vragen we bij de opname.

Stuur ons een appje
BellenGratis offerte